Wegwijs in arbeidsvoorwaarden

Meer zeggenschap over aanvullend pensioen voor de personeelsraad

Sinds begin dit jaar hebben de personeelsvertegenwoordiging (PVT) en personeelsvergadering (PV) meer medezeggenschap over het pensioen bij kleine ondernemingen. Het gaat om een wijziging van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) in het kader van de Verzamelwet pensioenen 2019.
Een kleine werkgever met minder dan 50 werknemers in dienst kan een personeelsvertegenwoordiging (PVT) instellen. Heeft een onderneming minimaal tien medewerkers dan is ze hiertoe zelfs verplicht als een meerderheid van de werknemers erom vraagt of als een cao dit aangeeft. De PVT heeft medezeggenschap en overlegt met de werkgever over de gang van zaken in de onderneming. De leden van de PVT worden gekozen. Het gaat om tenminste drie werknemers. 
Bedrijven met minder dan tien werknemers mogen op vrijwillige basis een PVT instellen. Zonder PVT moet een werkgever met meer dan tien en minder dan 50 werknemer minstens twee keer per jaar een personeelsvergadering (PV) laten plaatsvinden. Het gaat dan niet om een vertegenwoordigend orgaan, maar om overleg tussen de ondernemer en alle werknemers.
De PVT en PV hebben vanaf 1 januari 2019 meer medezeggenschap gekregen op pensioengebied. De wetgever vindt dat werknemers, los van de omvang van de onderneming en complexiteit van het onderwerp, bij pensioen betrokken moeten kunnen zijn. Kleine werkgevers moeten de PVT of PV over wijzigingen in de pensioenregeling om advies vragen. Voorwaarde hiervoor is dat die wijzigingen minimaal 25 procent van de werknemers raken. 
Daarnaast moet de werkgever de PVT of PV alle gegevens over pensioen geven die deze nodig hebben. Zijn die gegevens schriftelijk beschikbaar, dan moet de werkgever ze ook schriftelijk aan de PVT/PV geven.

Verder moet de werkgever de PVT of PV zo snel mogelijk informeren over iedere vaststelling, wijziging of intrekking van de pensioenuitvoeringsovereenkomst. Is er geen schriftelijke informatie beschikbaar dan ligt het volgens de wetgever voor de hand dat de werkgever deze opvraagt bij de pensioenuitvoerder. Achtergrond hierbij is dat werknemers schriftelijke informatie, die bij pensioen vaak complex is, kunnen herlezen en beter kunnen begrijpen dan als ze de informatie mondeling ontvangen.

De PVT en PV mogen het onderwerp pensioen ook zelf op de agenda zetten en hebben recht op overleg met de werkgever over de pensioenregeling. Bij meningsverschillen tussen werkgever en de PVT/PV over naleving van het hiervoor genoemde adviesrecht, informatierecht of initiatiefrecht kan de kantonrechter beslissen.
De personeelsvergadering en personeelsvertegenwoordiging hebben geen rol als het pensioen is geregeld in een cao of in een regeling vastgesteld door een publiekrechtelijk orgaan. Dit geldt ook als sprake is van een verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds.
De ondernemingsraad (OR) in organisaties met ten minste 50 werknemers heeft vanaf 1 oktober 2016 instemmingsrecht op de pensioenregeling. Dit gaat verder dan het adviesrecht van de PVT.
Als werkgever moet u uw werknemers goed informeren over pensioen. Deelnemende werknemers moeten binnen drie maanden na het sluiten van een pensioenregeling informatie krijgen over de inhoud van de pensioenregeling en de toeslagverlening.
Daarnaast moet u de werknemer wijzen op de website van de pensioenuitvoerder en op de mogelijkheid het pensioenregister te raadplegen. Veel kleine werkgevers blijken niet op de hoogte te zijn van deze zorgplicht. Daarom heeft de SER een handreiking gepubliceerd over de communicatiemomenten over pensioen. In deze publicatie staat ook wanneer werknemers medezeggenschap hebben over pensioen.

Wegwijs in arbeidsvoorwaarden
Het e-book ‘Wegwijs in arbeidsvoorwaarden’ van Centraal Beheer is onmisbaar voor ondernemers, managers en HR-professionals.
Lees alles over wetten en regels, veelgestelde vragen en slimme tips rondom arbeidsvoorwaarden.

Bron: PWnet.nl