Even delen

Hoe komen woningcorporaties van hun commerciële vastgoed af?

Woningcorporaties hebben in Nederland een bijzondere positie. Enerzijds zijn zij actief op de markt van het commercieel vastgoed. Anderzijds hebben zij de plicht ervoor te zorgen dat mensen met een laag inkomen een betaalbare woning kunnen huren. Onlangs riep minister Stef Blok woningcorporaties op naar de basis terug te keren. En weer te gaan doen waar ze voor zijn opgericht: bouwen en onderhouden van sociale huurwoningen in hun eigen regio. Maar hoe komen deze organisaties van hun commerciële vastgoed af?

De minister voor Wonen en Rijksdienst is duidelijk niet gecharmeerd van de manier waarop woningcorporaties te werk gaan. Hij vindt dat corporaties commercieel vastgoed moeten afstoten en dat ze deze bezittingen tijdelijk zouden moeten onderbrengen in een ‘overgangs-BV’ zodat de focus weer komt te liggen in het huisvesten van mensen met een middel tot laag inkomen.

Duidelijke verkoopstrategie

Voor het commerciële vastgoed dat verkocht moet worden dient een duidelijke verkoopstrategie opgesteld te worden. Uit onderzoek eerder dit jaar door ABF Research is gebleken dat de woningtekorten die in Nederland gaan ontstaan, kansen scheppen voor het investeren in huurwoningen zonder maatschappelijke doelstelling, maar ook winkelpanden en garages. Op basis van het onderzoek onder 150 woningcorporaties en de 50 grootste beleggers in Nederland, bleek dat grote beleggers interesse hebben te investeren in de aankoop van commercieel vastgoed, met name corporatiebezit. Dit biedt goede uitkomsten voor woningcorporaties om aan de eisen van de minister te voldoen en hun commerciële vastgoed te verkopen. De (tijdelijke) leegstand die ontstaat zouden woningcorporaties kunnen opvangen door deze panden tijdelijk een maatschappelijke doelstelling te geven. Dit kan door huurhuizen met een huurprijs hoger dan 699 euro tijdelijk te verhuren als sociale huurwoning. En leegstaande winkelpanden een culturele bestemming te geven.