Arbeidsmarkt 2020

De economische groei zwakt af, de krapte op de arbeidsmarkt blijft

Flinke krapte op de arbeidsmarkt en een hoge economische groei. Dat was het beeld van de afgelopen jaren. Maar in 2020 zwakt de groei van de economie af. Maar dat betekent niet dat de arbeidsmarkt ook ontspant. ‘Het vinden van goed personeel blijft een uitdaging.’ 

Een jaar vol kansen en uitdagingen

De Nederlandse economische groei neemt in 2020 af als gevolg van buitenlandse ontwikkelingen zoals de chaotische Brexit en het Amerikaanse handelsbeleid, blijkt uit de Augustusraming van het Centraal Planbureau (CPB). ‘Het hoogtepunt van de conjunctuur ligt achter ons. De vaart gaat eruit’, aldus Laura van Geest, directeur CPB. Vooral de export heeft last van de buitenlandse ontwikkelingen. De Nederlandse economie moet het in 2020 dan ook vooral hebben van binnenlandse bestedingen. Bedroeg de groei van het bruto binnenlands product (bbp), de belangrijkste graadmeter voor de economische ontwikkelingen in ons land, in 2018 nog 2,6%. In 2020 ligt dat op 1,4%. Het goede nieuws voor ondernemers is dat de koopkracht in 2020 verder toeneemt. Bedroeg de koopkrachtstijging in 2018 nog 0,2%, in 2020 bedraagt deze een hele procent meer; 1,2%.

Arbeidsmarkt blijft krap
De groei van de werkgelegenheid zakt volgens de CPB-raming in, terwijl het aanbod van arbeid op arbeidsmarkt blijft stijgen. Dit heeft als gevolg dat de werkloosheid niet langer daalt. Deze loopt in 2020 iets op naar 370 duizend, wat neerkomt op een nog steeds zeer laag werkloosheidspercentage van 4%, blijkt uit de UWV Arbeidsmarktprognose 2019-2020. Maar ondanks het feit dat de groei van productie in 2020 kleiner is, blijft de arbeidsmarkt krap. De afzwakkende economie lijkt in 2020 nauwelijks effect te hebben op krapte van de arbeidsmarkt. Dat komt omdat de afzwakkende productiegroei als eerste een lagere stijging van de arbeidsproductiviteit tot gevolg heeft. Uit de UWV-prognose blijkt dat het aantal banen in 2020 10,8 miljoen bedraagt. In 2018 waren dat er ruim 10,4 miljoen. De drie sectoren met de meeste banen in 2020 zijn zorg en welzijn, detailhandel en specialistische zakelijke diensten. In de sector zorg en welzijn bedraagt het totaal aantal banen in 2020 1,7 miljoen. In de detailhandel (inclusief autosector) zijn dat er waarschijnlijk zo’n 1,1 miljoen, en bij de specialistische zakelijke diensten (denk aan advocaten-, notaris- en accountantskantoren) bedraagt het aantal banen in 2020 naar verwachting bijna 930 duizend.

Bijna een kwart is 55 jaar of ouder
Uit dezelfde UWV-arbeidsmarktprognoses blijkt ook dat de beroepsbevolking steeds ouder wordt. In 2020 is 22% van de beroepsbevolking 55 jaar of ouder. Dat is bijna een kwart. Het is ook niet voor niets dat veel bedrijven het onderwerp ‘duurzame inzetbaarheid’ hoog op de agenda hebben staan zodat ze hun medewerkers mentaal en fysiek fit, gezond en flexibel houden. Moeilijk en duur hoeft dit niet te zijn, zo meent Prof. dr. Aukje Nauta. ‘Mensen willen iets kunnen en dat inzetten in hun werk, ze willen een bepaalde mate van vrijheid in hun werk zodat ze dit naar eigen inzicht kunnen uitvoeren. En ze hebben behoefte aan verbinding met collega’s, leidinggevenden en de organisatie. We weten al decennialang dat deze punten belangrijk zijn om medewerkers fit, blij en gezond te houden.’ 

Transitievergoeding 
‘Afgezien van de economische ontwikkeling kan de komst van de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) flink wat invloed hebben op werkgevers die met flexibele schillen werken, meent Geert-Jan Waasdorp, eigenaar van de Intelligence Group die arbeidsmarktdata verzamelt en analyseert. ‘Met name de veranderingen op het gebied van oproep- en flexkrachten hebben effect. Volgens de WAB moet een werkgever een oproepkracht ten minste vier dagen van tevoren oproepen om arbeid te verrichten. Doet een werkgever dat niet, dan is de oproepkracht niet verplicht om gehoor te geven aan de oproep. En als een werkgever de oproep om arbeid te verrichten binnen vier dagen voor het aanvangstijdstip intrekt of aanpast, dan moet hij de oproepkracht gewoon betalen voor de tijdstippen waarvoor hij hem had opgeroepen - tenzij dit anders is geregeld in de cao. De vier dagen kunnen dan worden verkort tot één dag.’ Ook het feit dat medewerkers straks vanaf de eerste dag van hun dienstverband recht hebben op een transitievergoeding is iets waar werkgevers rekening mee moeten houden. Waasdorp: ‘Wie nu al het idee heeft dat hij straks van bepaalde medewerkers afscheid moet nemen, kan dat goedkoper dít jaar doen dan in 2020. Het wordt met de nieuwe regels rondom de transitievergoeding straks duurder om afscheid te nemen van flexwerkers die nu al op de payroll staan.’

Het wordt in 2020 duurder om afscheid te nemen van mensen
Prof. dr Aukje Nauta

Maak solliciteren makkelijk
‘De arbeidsmarkt komt in 2020 wél iets meer in balans’, vervolgt Waasdorp. ‘De werkloosheid daalt niet meer, stijgt wellicht zelfs iets, waardoor het verloop in bedrijven zal afnemen. Voor werkgevers betekent dit dat ze iets minder stress hebben als het gaat om het aantrekken van medewerkers. Ietsje maar. Want onderaan de streep blijft ook in 2020 het vinden van goed personeel een uitdaging.’ Het verkorten en vereenvoudigen van het sollicitatieproces is volgens Waasdorp een van de meest eenvoudige effectieve maatregelen die een ondernemer kan treffen om makkelijker personeel aan te kunnen trekken. ‘Een werkgever moet de time to hire zo kort mogelijk maken zodat hij geen talent verliest in het sollicitatieproces. Klopt een talent bij je aan de deur, reageer dan direct. Maak het voor sollicitanten bijvoorbeeld mogelijk om te reageren via WhatsApp. Laat ze ook zonder CV solliciteren, maak het bijvoorbeeld mogelijk voor kandidaten om online direct een afspraak in te plannen met de directeur, en rond het proces binnen een week af. Werkgevers bij wie kandidaten snel en makkelijk kunnen solliciteren hebben daar enorm veel profijt van. Dat werkt! Ze zullen merken dat de krapte en schaarste dan als sneeuw voor de zon verdwijnen.’

arbeidsmarkt 2020

De Wet arbeidsmarkt verandert vanaf 2020

De Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) is bedoeld om de balans op de arbeidsmarkt te verbeteren. De wet doet dat door de verschillen tussen vaste arbeidscontracten en flexwerk te verkleinen. Een vast contract wordt iets goedkoper, een tijdelijk contract iets duurder, en ontslag wordt makkelijker. De WAB treedt grotendeels op 1 januari 2020 in werking. Dit zijn de belangrijkste wijzigingen:
Werkgevers krijgen meer ruimte voor opeenvolgende tijdelijke contracten (de ketenbepaling). De ketenregeling wordt verlengd naar drie aansluitende tijdelijke contracten in drie jaar (in plaats van twee jaar). Wanneer de drie contracten samen langer duren dan drie jaar, ontstaat automatisch een contract voor bepaalde tijd. Na een periode van tenminste zes maanden tussen iedere reeks van tijdelijke contracten start de keten opnieuw.
Naast de acht ontslaggronden die het arbeidsrecht al kent, komt er een extra ontslaggrond bij: de cumulatiegrond. Deze cumulatiegrond biedt een rechter de mogelijkheid om een arbeidsovereenkomst bij meerdere ‘niet-voldragen’ ontslaggronden toch te ontbinden. De cumulatiegrond kan niet worden gebruikt bij ontslag vanwege bedrijfseconomische redenen of langdurige arbeidsongeschiktheid.
Met de komst van de WAB hebben werknemers al vanaf de eerste dag van hun dienstverband recht op een transitievergoeding. Volgens de nieuwe wet bedraagt de transitievergoeding over de gehele duur van het dienstverband eenderde maandsalaris per dienstjaar.
Volgens de WAB moet een werkgever een oproepkracht tenminste vier dagen van tevoren schriftelijk of elektronisch oproepen om arbeid te verrichten. Doet een werkgever dat niet, dan is de oproepkracht niet verplicht om gehoor te geven aan de oproep.
Steeds als de arbeidsovereenkomst van een oproepkracht 12 maanden heeft geduurd, moet een werkgever in de 13e maand deze oproepkracht een aanbod voor een vaste arbeidsomvang doen, waarbij geen sprake kan zijn van een uitsluiting van de loondoorbetalingsplicht. De arbeidsomvang moet tenminste gelijk zijn aan de gemiddelde arbeidsomvang van het afgelopen jaar.
Werknemers die op payrollbasis werken, krijgen minimaal dezelfde arbeidsvoorwaarden als werknemers die in vaste dienst zijn bij de opdrachtgever, inclusief secundaire arbeidsvoorwaarden als vakantiedagen, scholingsregelingen, enzovoorts. Harmonisatie van het pensioen volgt mogelijk in een latere fase. Werkgevers moeten zelf bepalen of ze uitzend- dan wel payrollkrachten in dienst hebben. De werkgever is hiervoor aansprakelijk.
De WW-premie is met de komst van de WAB niet langer afhankelijk van de sector waarin iemand werkzaam is, maar van het soort contract; vast of flexibel. Er geldt straks alleen nog een hoog en laag tarief, waarbij het hoge tarief 5% hoger is dan het lage. Het hoge tarief geldt voor alle werknemers die geen vast contract hebben, het lage tarief is voor werknemers met een vast dienstverband.

Nieuw in 2020: MKB Verzuimontzorg-verzekering

Vanaf 1 januari 2020 hebben MKB-bedrijven een nieuwe optie om de risico’s van (langdurig) verzuim van medewerkers te verzekeren: de MKB Verzuim ontzorg-verzekering . Deze MKB Verzuim-ontzorg-verzekering is het gevolg van een overeenkomst tussen de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en werkgeversorganisaties MKB-Nederland, VNO-NCW, LTO Nederland en het Verbond van Verzekeraars. Het doel van deze overeenkomst is om kleine werkgevers te helpen bij de verplichtingen en taken rond loondoorbetaling bij ziekte. Door ondernemers een goed en betaalbaar dienstverleningspakket aan te bieden voor die twee jaar, is het voor hen makkelijker om het (langdurig) verzuim van medewerkers te helpen beperken.
Meer informatie