Inkomen

Hoe vangt u financiële tegenvallers op?

Inkomen

Uw onderneming loopt goed en u bent fit en gezond. Qua financiën lijkt er niets aan de hand. Maar hoe zorgt u voor een doorlopend inkomen bij een ongeluk of ziekte? Of als u zwanger wordt?

3 jun 2020
5 minuten

Financiële tegenvallers opvangen

Voor zelfstandig ondernemers zijn de financiële gevolgen van ongelukken en gezondheidsproblemen veel groter dan voor iemand in loondienst. U kunt zich niet betaald ziek melden of een tijdje verlof nemen. Een financieel vangnet moet u als zelfstandige dus zélf regelen. Welke mogelijkheden zijn er?
Financiële tegenvallers opvangen

De verschillende mogelijkheden van een vangnet

Een AOV zorgt voor een inkomen wanneer u (langdurig) niet in staat bent om te werken. Meestal wordt niet meer dan 80% van uw huidige inkomen verzekerd. Dit kan duren tot uw AOW-gerechtigde leeftijd. Bij de uitkering nemen verzekeraars ook de mate van arbeidsongeschiktheid in acht.
Er zijn 3 gradaties waarin u zich kunt verzekeren. Allereerst op basis van beroepsarbeidsongeschiktheid. Dat betekent dat u een uitkering ontvangt als u uw eigen beroep niet meer kunt uitoefenen. Bij passende arbeid heeft u recht op een uitkering als u geen werkzaamheden kunt uitvoeren die passen bij uw werkervaring of opleidingen. Tot slot is er een arbeidsongeschiktheidsverzekering op basis van gangbare arbeid. Hierbij wordt niet gekeken naar werkervaring of opleidingen. Zolang u medisch gezien nog kan werken, ziet de verzekeraar u niet als arbeidsongeschikt.

Let op: het type arbeidsongeschiktheidsverzekering dat u als zelfstandige professional afsluit, is bepalend voor de hoogte van uw verzekeringspremie. Hoe meer u verzekert, des te meer premie u betaalt.

Houd rekening met de volgende 5 punten vóór het afsluiten van een AOV:

1.Breng in kaart wat blijvende uitgaven zijn als u arbeidsongeschikt raakt. Welke inkomsten gaat u dan verliezen? En hoe kunt u dit opvangen?
2. Bereken daarna hoeveel tijd u zelf financieel kunt overbruggen. Verzekeraars werken namelijk met eigen risicotermijnen. Hoe langer uw eigen risicotermijn, hoe lager de premie.
3. Komt u uit loondienst? Dan willen niet alle particuliere verzekeraars u verzekeren. Binnen 13 weken na het stoppen van de werknemersverzekering uit loondienst, kunt u bij het UWV een verzekering aanvragen. Het UWV is verplicht om iedereen de verzekering te verstrekken. Let op: u moet in het afgelopen jaar wél verzekerd zijn geweest voor ziekte en arbeidsongeschiktheid.
4. Verzekeraars willen niet altijd in zee gaan met startende ondernemers met moeilijk verzekerbare risico’s. Denk aan medische problemen of uw (hogere) leeftijd. Daarom is het soms niet mogelijk om een AOV af te sluiten. Sommige verzekeraars bieden een vangnetverzekering aan. Dit betekent vaak een langere eigen risicotermijn of een minder verzekerd inkomen. Er wordt dan gekeken of u nog ander werk kunt doen.
5. De premie voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering is aftrekbaar van de belasting.

Hoe houdt u als ondernemer uw inkomen op peil tijdens én na de zwangerschap? Zzp’ers hebben recht op zwangerschaps- en bevallingsverlof van minimaal 16 weken. U moet hiervoor een ZEZ-uitkering bij het UWV aanvragen. De hoogte van deze uitkering is maximaal het bedrag van het minimumloon. Werkt u minder dan 1.225 uur per jaar? Dan wordt de hoogte van de uitkering berekend aan de hand van de inkomsten van het jaar daarvoor. U heeft hier géén recht op als u zich vrijwillig hebt verzekerd voor de ziektewet voor een bedrag dat hoger is dan het minimumloon.

Let op:
Als u tijdens de bevalling ziek wordt, krijgt u alleen een uitkering als u daar vrijwillig voor verzekerd bent. Het is mogelijk uw zwangerschap mee te verzekeren in uw arbeidsongeschiktheidsverzekering. Meestal keren verzekeraars 16 weken uit. Dit is ook het geval bij een ZEZ-uitkering. Let op de verzekeringsvoorwaarden.

U kunt als ondernemer ook samen met andere zelfstandigen voor een financieel vangnet zorgen. Bijvoorbeeld door een broodfonds. Daarin zitten 20 tot 50 ondernemers, die allemaal maandelijks een bedrag inleggen. Wordt een lid ziek, dan keert het broodfonds uit. Met elkaar worden dus de risico’s voor ziekte en uitval gedeeld. Meestal voor een periode van 2 jaar. Vaak blijft het ingelegde geld eigendom van het lid. (Minus de al uitgekeerde bedragen.) Stapt u uit het broodfonds? Dan kunt een deel van het geld weer meenemen.
Goed om te weten: aan broodfondsen risico’s zijn verbonden. Zo kan er in de opstartfase nog niet genoeg geld zijn om uit te keren. Als meerdere leden uit het broodfonds trekken, beïnvloedt dat de dekkingsgraad van het fonds. Er is dan minder zekerheid dat daadwerkelijk wordt uitgekeerd. Ook kunnen de verschillende achtergronden van leden risico’s met zich meebrengen. De ene ondernemer heeft nu eenmaal een riskanter beroep dan het andere. Ook kunnen er geschillen ontstaan over wie wel en niet recht hebben op een uitkering.
Een andere oplossing als uw inkomen tegenvalt? Zelf voor een spaarpotje zorgen. Circa 50% van de zzp’ers heeft een financiële buffer opgebouwd. Ongeveer de helft daarvan heeft die reserves al moeten gebruiken. Maar heel veel zelfstandige professionals hebben geen buffer. Zij staan met lege handen bij tegenvallers. Daarom is het verstandig doorlopend geld apart te zetten voor een kortstondige tegenvaller.
Een AOV zorgt voor een inkomen wanneer u (langdurig) niet in staat bent om te werken.

Kosten bij tegenvallers kunnen oplopen

Goed om in uw achterhoofd te houden: de kosten bij (langdurige) arbeidsongeschiktheid kunnen in rap tempo oplopen. Zeker als u enkele jaren niet kunt werken. Zelf een buffer aanleggen dat groot genoeg is om daarin te voorzien, is een flinke opgave. Het is dan ook raadzaam om hier op voorhand goed over na te denken. Of ga in gesprek met een van de adviseurs van Centraal Beheer. Zij informeren u graag over uw financiële mogelijkheden.